Home

Het cliché wil dat de Grote Verhalen ten einde zijn. Na de ‘dood van God’, het fascisme en het communisme, zouden we in postmoderne tijden leven. Tijden waarin niemand de Hoogste Wijsheid in pacht heeft of zich zou kunnen aanmatigen het Laatste Woord te spreken. Heel even leek het neoliberale marktdenken zich als alternatieve betekenishorizon aan te dienen. Maar als de tekenen niet bedriegen, gaat ook dit Grote Verhaal aan zijn eigen succes ten onder.

Bijna onopgemerkt dringt zich echter een postpostmodern Groot Verhaal op dat ons met de onvermijdelijkheid van een natuurkracht een nieuwe waarheid in het vooruitzicht stelt. Internetcentrisme noemt Evgeny Morozov deze uit Silicon Valley overgewaaide ideologie in zijn boek To Save Everything Click Here.

Morozov beschrijft een eigentijds verlossingsgeloof dat ons een aards paradijs voorspiegelt waarin iedereen participeert, waarin alle kennis vrij toegankelijk is en waarin milieuproblemen, politieke onverschilligheid, ongezonde levensstijlen en zelfs morele dilemma’s als sneeuw voor de digitale zon verdwijnen. Internetwaarden als transparantie, gemak en participatie zullen een frictieloze techno-utopie verwezenlijken en ons verlossen van het grillige karakter van de werkelijkheid. Voor het bereiken van de digitale heilstaat hoeft er volgens de discipelen van deze beweging slechts aan één opdracht voldaan te worden: het modelleren van de werkelijkheid volgens de wetten van de digitale wereld.

Exemplarisch voor deze ideologie is het door opiniepeiler Maurice de Hond geïnitieerde onderwijsexperiment dat volgend schooljaar onder het veelzeggende acroniem O4NT (Onderwijs voor een Nieuwe Tijd) van start gaat. Tien zogenaamde iPadscholen openen dan hun deuren. Volgens De Hond is dit initiatief noodzakelijk omdat de school van nu ‘een soort museum is’ die ‘leerlingen voorbereid op het verleden.’ Het huidige schoolsysteem (‘analoog en saai’) zou de aansluiting met de werkelijkheid (‘digitaal en spannend’) hebben verloren.

Dus verandert de leraar in een ‘coach’, de klas in een ‘unit’en de school in een ‘community’. De ‘fysieke component’ – het schoolgebouw – gaat deels virtueel en ‘serious gaming’ wordt breed ingezet. Leidmotief: als een kind iets leuk vindt, dan zal het makkelijker leren. In het schoolconcept wordt het aldus verwoord: ‘We beloven je dat jij zelf mag kiezen wat en wanneer je iets gaat doen’. En omdat kennis in het digitale tijdperk snel zou verouderen, worden de leerlingen getraind in 21st century skills, zoals: blind typen.

Maar wat is nu eigenlijk de aard van die zogenaamde digitale revolutie en welke kennis raakt er precies door verouderd? De stelling van Pythagoras? Onze taal- en spellingsregels misschien? Het categorisch imperatief van Kant wellicht of de natuurlijke getallen? En hoe zit het met het inzicht dat resultaten slechts waarde hebben wanneer ze zijn verworven? Is leren niet vooral een oefening in het uitstellen van verlangens en overwinnen van weerstanden, een oefening in geduld kortom? Hoe verhoudt zich dat tot de door De Hond gepropageerde ‘gamificatie’ van het onderwijs en zijn ‘vind ik leuk!’-pedagogiek?

Nog een vraag: zijn de digididactici bekend met het fenomeen internetpathologieën? Stoornissen als concentratieverlies en hyperactiviteit ten gevolge van overmatig surf-, swipe-, en doorklikgedrag van de multitaskende internetmens? En wat te denken van onderzoeken die uitwijzen dat teksten gelezen vanaf het scherm of teksten verrijkt met hyperlinks slecht beklijven? Heeft men het boek Digitale dementie van de psychiater Manfred Spitzer al aangeschaft?

Wie het even ontluisterende als hilarische boek van Morozov leest, begrijpt dat het internetcentrisme zich niet met dergelijke vragen inlaat. Voor digifundamentalisten is de vestiging van de digitale heilstaat namelijk even onvermijdelijk als de socialistische heilstaat dat ooit voor communisten was. Men gelooft dat de digitale revolutie alle oude, analoge waarheden op het kerkhof van de geschiedenis zal dumpen. De kans een eigen handschrift te ontwikkelen, het verhaal dat een schoolleven vertelt, inclusief de verveling en verwondering: voor de internetcentristen behoort die ervaring tot het verleden. De toekomst is aan cyberspace, virtueel en vloeibaar, en de school dient daarmee gelijkgeschakeld te worden.

Morozov laat zien dat de Silicon Valley-ideologen – en De Hond behoort tot de voorhoede ervan – zich in hun innovatiedrang nauwelijks bekommeren om de vraag: ‘Voor welk probleem zoeken wij een oplossing? En stelt men die vraag wel, dan blijkt de probleemanalyse meer dan eens gebrekkig of misleidend, verblind als men is door digitale waarden als efficiency, gebruikersgemak en openheid. Bovendien zijn veel vernieuwingen die de revolutionaire digigeesten in gang zetten, een stuk minder revolutionair dan zij op het eerste gezicht lijken.

Dat laatste geldt ook voor de iPadschool, een hypergedigitaliseerde versie van dat vermaledijde ‘nieuwe leren’ uit de jaren 90 van de vorige eeuw. Ook destijds zag men in ict de oplossing voor slecht gedefinieerde problemen, kwam de leerling centraal te staan, werd kennis vervangen door vaardigheden, veranderde de meester in ‘Jan’ en moest, in de veronderstelling dat kennis snel verouderde, de leerinhoud plaatsmaken voor de heilige graal van het leerproces. En wat concludeerde het parlementaire onderzoek uit 2008 naar deze onderwijsvernieuwing? De wetenschappelijke onderbouwing schoot tekort en de verantwoordelijke bewindslieden leden aan tunnelvisie.

Marx stelde dat de geschiedenis altijd twee keer langskomt: eerst als tragedie, dan als klucht. Volgens een inventarisatie van de Volkskrant is de Tweede Kamer, met uitzondering van de PVV-fractie, enthousiast over De Honds plannen. Dat onze volksvertegenwoordigers zo kort van memorie zijn, doet inderdaad vermoeden dat we met een parlementaire klucht van doen hebben. Minder koddig is het feit dat men de digitale heilstaat van De Hond zo kritiekloos omarmt. Misschien moeten we concluderen dat internetcentrisme, het nieuwe Grote Verhaal van onze tijd, de realiteitszin vertroebelt. Of dat een klucht of tragedie is, zal de toekomst moeten uitwijzen.

Dit opiniestuk stond 24 juni 2013 in NRC Next. Op 1 juli verscheen het eveneens op: http://www.socialevraagstukken.nl/site/2013/07/01/de-digitale-heilstaat-van-maurice-de-hond/

2 thoughts on “Digitale heilstaat

  1. Bedankt voor je mooie tegengeluid!

    Het gaat bij mij toch wel kriebelen als je blindtypen als 21ste- eeuwse vaardigheid ziet. Dit betreft vaardigheden zoals samenwerken, creativiteit, communiceren en probleemoplossend vermogen. Hier kan ICT zeker bij helpen.

    Je zet je stuk scherp neer. Ook ik heb twijfels bij iPad-scholen (het aloude middel-als-doel verhaal).

    Ik zie echter wel de meerwaarde in de studie naar en implementatie van ‘digitale didactiek’. Digitale didactiek richt zich op de versterking in het onderwijs van het leggen van relaties, het actief creëren en het naar buiten brengen van wat geleerd is.

    Nogmaals bedankt voor je gedurfde stuk; het scherpt mijn gedachten.

  2. Dank voor je reactie. Mijn stuk is inderdaad scherp neergezet. Dat gaat soms ten koste van de nuance, zoals je terecht mbt de vaardigheden opmerkt. Zolang het tot denken aanzet, neem ik dat maar voor lief. Fijn te lezen dat dat in jouw geval gelukt is.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s